Het leven kan zo simpel zijn (maar is dat vaak niet)

Ik heb zojuist een statafel besteld!

‘Ehm, nou en? Moet jíj weten…’ Hoor ik je denken. Klopt. Het nieuws zelf is volstrekt oninteressant. Daar gaat het ook niet om.

Waar het wel om gaat is dat ik vandaag onder de douche een aantal problemen tegelijkertijd heb opgelost. Problemen die, omdat ik er niet goed uitkwam, lang onopgelost zijn gebleven.

In deze post ontrafel ik de problemen en ga ik op onderzoek uit wat mij belemmerde om de problemen op te lossen, en wat uiteindelijk de doorslag gaf om ze aan te pakken. Daarmee bevat dit artikel inzichten voor een ieder die ook ergens tegenaan hikt.

Probleem #1: Een ongezonde zittende werkhouding

Erik Scherder‘s tegeltjeswijsheid ‘Zitten is het nieuwe roken’, overigens vaak verhaspeld tot allerlei vaak komische parafraseringen, is zo waar als een koe. Ons lichaam is niet gebouwd om grotendeels zittend door te brengen. Al onze fantastische, natuurlijk aangeboren vermogens, verschrompelen letterlijk waar we bij zitten. En erger, met deze zittende houding verliezen we een groot deel van wat ons productief maakt: onze breinfuncties gaan achteruit, ons concentratievermogen neemt af, ons bloed stroomt suboptimaal door ons lichaam, we nemen meer calorieën in dan we verbranden en er ontstaan geleidelijk allerlei gezondheidsklachten. “Uit onderzoek is gebleken dat een derde van de Nederlanders zeven tot zestien uur per dag zit” rekent Scherder voor in een white paper met de gelijknamige titel als zijn tegeltjeswijsheid.

something-somewhere-went-terribly-wrong

Ook ik ben hier ruimschoots schuldig aan. En ook ik ben me hier, net als velen van ons, al langer van bewust. Ik kom regelmatig in kantooromgevingen, waar men elkaar de zin naar het hoofd slingert – je ziet het Jiskefet-tafereel al voor je: “Ja jah! Zitten is het nieuwe Roken he? Hèhè”. Of vaker hoor je een zin als “staan is het nieuwe zitten”/”roken is het nieuwe staan”/”staan is het nieuwe roken” (doorhalen wat niet van toepassing is). De zin wordt uitgesproken  zonder dat men er de logische consequentie aan verbindt. Hoe komt dat?

Nu wil ik hier al een tijd wat aan doen. Ik heb vaak het internet afgestruind naar oplossingen om eenvoudig mijn werkplek aan te passen. Maar telkens staakte ik halverwege mijn zoektocht: te duur, te lelijk, te onpraktisch, te veel ruimte in mijn woonkamer.

Zelfs het verwijt van mijn fysiotherapeut over mijn ongeschikte werkplek brengt geen verandering. Nu heb ik twee problemen: ik werk zittend, en voel me daar nog schuldig over ook!

Probleem #2: Meer buiten willen zijn tijdens werktijd

“Ah, wat is het mooi weer buiten!” Komt ook deze kreet je bekend voor? Let op het laatste woordje: buiten. Ik hoor hem vaak, met enig verlangen, uitgesproken in mijn bijzijn. En ik kan je verklappen, dat hoor ik dan niet uit de mond van boswachters, imkers, hoveniers, en andere buitenberoepen. Nee, dit zijn altijd zogeheten professionals: beleidsadviseurs, managers, zorg- / onderwijs-/marketing-/…- professionals (wederom, doorhalen wat niet van toepassing is), bestuurders, consultants.

Ook over binnenwerken is steeds meer onderzoek gedaan. Wederom professor Erik Scherder aan het woord: “Niet alleen fysiek, maar ook geestelijk kan de boog niet doorlopend gespannen zijn. Dus bied werknemers de ruimte om af en toe dat hoofd even leeg te maken. Laat mensen af en toe verplicht tien minuten uit het raam kijken. Bouw pauzes in waarop medewerkers zichzelf even niet cognitief belasten. Iedereen kent het gevoel wel dat je de hele dag op een probleem zit te ploeteren, en je komt er maar niet uit. Tot je ’s avonds op de fiets zit of onder de douche staat en de eureka je opeens te binnen schiet. Dat komt puur doordat de hersenen even de kans hebben gekregen om te rebooten, door even wat lucht erbij te laten.”

Maar ook hier, dat is makkelijker gezegd dan gedaan. Je maakt geen goede sier als je een agendaverzoek afslaat omdat je even je ’10-minuten uit het raam tijd’ nodig hebt tussen twee overleggen. Overigens ben ik de eerste die met de ogen gaat rollen als ik mensen hoor die dat wel doen. Zelfs als ik thuiswerk, heb ik last van het stemmetje dat tegen me fluistert: ‘Doe iets nuttigs, wees productief’. Ik heb dit stemmetje Calvijn genoemd en we zijn inmiddels best goede vrienden.

Dus wat kan ik doen om wél buiten te zijn, maar ook Calvijn te vriend te houden?

Probleem #3: Een (on)gezellige ontmoetingsplek voor vrienden en familie

Ik droom graag. Het zal wel met dezelfde aandoening te maken hebben waar ook John Lennon mee kampte. Al toen ik hier 3 jaar geleden ging wonen droomde ik van een ongeplande zoete inval van vrienden die ineens op de stoep staan om dan uren samen te lachen, te praten en de wereld tot een betere plek te lullen. Vreemd genoeg droomde ik daar dan altijd zo’n Bertolli-tafel bij. Ik zou niet weten hoe ik dat op die 12 vierkante meter die mijn buitenplaatsje rijk is zou moeten passen, maar hé, als je droomt ben je niet zo kritisch.

“Ja jaah, John. Jij wel…”

In de praktijk komt dit er niet zo vaak van. Druk, andere plannen en als je dan even een avondje zonder plannen thuis bent, is het ook wel even goed zo. Bovendien zijn er in elke willekeurige stad plekken die zich veel beter lenen voor de setting met vrienden waar ik bij weg kan dromen. Die plekken zijn er namelijk helemaal voor ontworpen. Echt waar? Ja: het café als een droom die uitkomt.

Hoewel ik deze ontmoetingen in de stad koester, hebben ze niet de intimiteit die ergens thuis wel kan ontstaan. Naarmate de avond vordert, worden de gesprekken eerder oppervlakkiger dan dieper.

Probleem #4: Een te kleine arbeiderswoning om bovenstaande wensen in te combineren

Inmiddels ontstaat er een patroon in bovenstaande problemen. Telkens sneuvelt een mooi ideaal of ambitie in praktische bezwaren. En zo gaat het vaak. “Wat zou het toch mooi zijn als…?” “Ja, maar…”. Zodra de vernietigende combinatie van ‘ja’ en ‘maar’ om de hoek komt kijken, weet je vaak al hoe laat het is. Dit wordt niks. Leuk geprobeerd.

Een staande werkplek in je woonkamer? Ja maar, hoe dan? Meer buiten werken? Ja maar, hoe dan? Een kroeg aan huis? Ja maar, hoe dan?

De oplossing voor al uw problemen: koop een statafel!

Maar vandaag weiger ik de praktische bezwaren te laten winnen. Het door Erik Scherder geschetste eureka-moment komt inderdaad onder de douche (waarmee ik eens te meer zijn gelijk bewijs, geen dank Erik). Wat nou als ik een statafel koop en deze op mijn kleine buitenplaatsje van 12 vierkante meter plaats? Het wonderlijke is dat de oplossing ligt in het combineren van meerdere problemen. Waar je zou denken dat één probleem tegelijk oplossen al moeilijk genoeg is, blijkt hier dat het samenrapen van verschillende problemen ineens een nieuw perspectief biedt dat ik eerder nog niet had gezien.

De moraal (ja, er is een moraal, anders zou ik geen verhaal over een statafel vertellen)

Jullie begrijpen, mijn ideale leven begint zodra de statafel is geleverd. Vanaf dan werk ik gezonder, gelukkiger, productiever én na afloop: leef ik gezelliger. Ok, dit is misschien een klein beetje overdreven, maar serieus: het is op elk van die aspecten een stap in de goede richting. En daar gaat het toch om?

Ik begon dit stuk met een gevoel van ‘in dit alledaagse eureka-momentje ligt iets belangrijks besloten’. Voor degenen die nu zitten te wachten op de grote conclusie (al is het maar om Calvijn gerust te stellen dat je afgelopen 5 minuten iets nuttigs hebt gedaan), heb ik er hieronder maar liefst 5 voor je! Kies degene waar jij het meest mee kan en doe er je voordeel mee.

1. Koester een #fuckit mentaliteit

Koop gewoon die statafel als dat een goed idee is! De ingeving om een statafel te kopen viel me spontaan te binnen. Ik heb er gelijk een actie op gezet. Kans was groot geweest als ik dat ‘nog even had laten bezinken’, deze stap er weer niet van was gekomen.

2. Vertrouw op de eureka die komt als je ontspant

Broeden op deze vier problemen had waarschijnlijk niet veel uitgehaald, behalve dan dat ik me gefrustreerd zou voelen. Je ‘slimme onderbewuste’ is een fantastisch natuurlijk vermogen, waar iedereen toegang toe heeft.

3. Zoek de ontspanning gericht op

Om dat vermogen aan te boren, moet je er wel de omstandigheden voor creëren. Vlak voor de ingeving was ik even gaan hardlopen en als beloning trakteerde ik mij op een (iets te) lange, warme douche. Heerlijk, maar Calvijn begon zich tegen het einde alweer te roeren.

4. Ga voorbij aan praktische bezwaren, er is altijd een oplossing

Al te vaak laten we ons belemmeren terwijl dat helemaal niet hoeft. Maak er een gewoonte van om praktische bezwaren te negeren en te doen wat goed voelt. Voorkom dat je de mier wordt uit onderstaand filmpje.

5. Investeer in een stimulerende omgeving waarin het minder makkelijk is toe te geven aan excuses

Want hoe vaker je de praktische bezwaren negeert, hoe meer je een omgeving creëert waarin niet de smoesjes, maar de mogelijkheden vooropstaan. Nu ik deze statafel heb, heb ik het mezelf ook lastiger gemaakt om te ‘klagen’ over het verschil tussen mijn gewenste en mijn huidige levensstijl.