Episode #1: Sustainer homes

Komende jaren, richting 2020, onderzoeken we hoe een duurzaam, vrij, gelukkig en comfortabel leven mogelijk is. Om het uiteindelijk te gaan leven. Het pad hiernaartoe delen we graag, omdat we hopen hiermee ook anderen te inspireren.

In deze eerste aflevering bezoeken wij een nieuw, circulair en duurzaam bouwconcept: sustainer homes

Episode #2: Geld

Komende jaren, richting 2020, onderzoeken we hoe een duurzaam, vrij, gelukkig en comfortabel leven mogelijk is. Om het uiteindelijk te gaan leven. Het pad hiernaartoe delen we graag, omdat we hopen hiermee ook anderen te inspireren.

Wat is er eigenlijk nodig om niet meer te hoeven werken voor geld!?

Episode #3: Teken je toekomst

Komende jaren, richting 2020, onderzoeken we hoe een duurzaam, vrij, gelukkig en comfortabel leven mogelijk is. Om het uiteindelijk te gaan leven. Het pad hiernaartoe delen we graag, omdat we hopen hiermee ook anderen te inspireren.

Door onze droom te tekenen komt deze tot leven én verandert een groot idee in haalbare stappen.

Episode #4: Reality? Check!

Komende jaren, richting 2020, onderzoeken we hoe een duurzaam, vrij, gelukkig en comfortabel leven mogelijk is. Om het uiteindelijk te gaan leven. Het pad hiernaartoe delen we graag, omdat we hopen hiermee ook anderen te inspireren.

Leuk zo’n droom, maar bestaat die plek die je in gedachten hebt wel echt?

Episode #6: Less is more

Komende jaren, richting 2020, onderzoeken we hoe we steeds duurzamer, vrijer, gelukkiger en comfortabeler kunnen leven. Het pad delen we graag, omdat we hopen hiermee ook anderen te inspireren.

Het helpt om weg te doen wat je niet meer nodig hebt.

Episode #7: Geld als water

Komende jaren, richting 2020, onderzoeken we hoe we steeds duurzamer, vrijer, gelukkiger en comfortabeler kunnen leven. Het pad delen we graag, omdat we hopen hiermee ook anderen te inspireren.

Als je dan toch iets moet vervangen, kun je dat maar beter goed doen.

Episode #8: Koffie overpeinzingen

Komende jaren, richting 2020, onderzoeken we hoe we steeds duurzamer, vrijer, gelukkiger en comfortabeler kunnen leven. Het pad delen we graag, omdat we hopen hiermee ook anderen te inspireren.

“Geluk is niet wat het leven leuk maakt, geluk is wat het leven de moeite waard maakt.” Ons bezoek aan een tiny house, om te ervaren hoe dat zou zijn, liep iets anders dan gedacht. Soms zijn je overpeinzingen tijdens een kop koffie wat dieper dan anders.

Waarom het kapot moet voor het beter wordt

Verschenen als publicatie op TvOO.nl (Tijdschrift voor Ontwikkeling in Organisaties)

Veel organisaties starten de ene verandering alweer in voordat de vorige goed en wel is afgerond. Na de LEAN-transformatie staat agile werken weer voor de deur. En nog halverwege de ene reorganisatie noopt de nieuwe strategie alweer tot het voorbereiden van de volgende. Daarmee lijkt een belangrijk inzicht uit de trainingsleer nog niet te zijn doorgedrongen binnen de veranderkunde. Namelijk dat inspanning en ontspanning elkaar nodig hebben om tot duurzame verbetering te komen. Zonder periodes van relatieve rust raakt een organisatie eerder ‘overtraind’ dan dat het leidt tot betere prestaties.

Supercompensatie

Topsporters weten al lang dat hun trainingsprogramma uit een uitgekiende mix tussen training en herstel moet bestaan. Doen ze dit niet, dan kunnen ze de medaille op voorhand op hun buik schrijven. Dat heeft te maken met een fenomeen dat supercompensatie heet. Supercompensatie is een ingebouwde eigenschap die elk organisme op celniveau heeft. Het is onze evolutionaire beschermengel om in de toekomst beter voorbereid te zijn op tegenslagen die we in het verleden hebben mogen ervaren.

Dit werkt als volgt: bij elke (trainings)inspanning ontstaan er letterlijk kleine scheurtjes in je cellen en spierweefsel. Maar het lichaam is een wonderlijke machine. Na de inspanning gaat het lichaam aan de slag om de schade te herstellen (autogenese).  Daar blijft het alleen niet bij. De cellen hebben de natuurlijke neiging om de gebroken verbindingen iets sterker te herstellen dan het oorspronkelijke niveau (figuur 1). Zo ben je de volgende keer beter voorbereid op een gelijksoortige inspanning. ‘What doesn’t kill you makes you stronger’ (Nietzsche), maar dan letterlijk. Dit fenomeen doet je conditie in de sport toenemen.

graphs_revision_final03

 

Figuur 1: Supercompensatie

 

Het subtiele verschil tussen betere prestaties en uitputting

De crux om je cellen, weefsel, spieren en daarmee prestaties te verbeteren zit daarmee in twee componenten:

A)    de juiste intensiteit van de inspanning: je wilt niet teveel, maar ook niet te weinig kapot maken.

B)    de juiste hersteltijd: je wilt de verbindingen zodanig laten herstellen dat de verbindingen het krachtigst zijn voordat je een nieuwe inspanning gaat doen.

Dit is de reden waarom topsporters die door blessures of jetlags een training hebben moeten missen, de haast onweerstaanbare neiging moeten weerstaan om de training ‘in te halen’. Als je toegeeft aan je neiging, dan breng je de nieuwe klap aan je lichaam toe op een moment waarop het op z’n zwakst is (figuur 2). Je inspanning werkt averechts, omdat het niet bijdraagt aan je gewenste doel: sterker worden.

graphs_revision_final02

Figuur 2: Uitputting bij overtraining

Organisaties als organismen

Ook organisaties zijn in veel opzichten organismen. In een steeds sneller veranderende wereld overleven alleen die organisaties die de uitdagingen uit hun omgeving het meest passend het hoofd bieden. Om dat te kunnen doen, is een zekere ‘fitheid’ gewenst. Je ziet daarom dat verandering in toenemende mate holistisch wordt bezien. De veranderaar is steeds minder de automonteur die een versleten onderdeel moet vervangen, maar steeds meer de sportcoach die een organisatie gidst naar de beste versie van zichzelf. Met aandacht voor het gewenste resultaat, maar met nadruk op de fysieke en mentale gesteldheid die voor het resultaat moet zorgen.

Organiseer herstel en ontspanning binnen je veranderaanpak

In deze analogie is het dus minstens net zo belangrijk om actief hersteltijd in je organisatie in te bouwen, wil je komen tot de gewenste resultaten (figuur 3). Voor de veranderaar is het dus van belang om bij elke veranderopgave de vraag te stellen: waar bevindt deze organisatie zich in de supercompensatie-curve? En, afhankelijk van het antwoord: wat is er dan nu nodig?

graphs_revision_final01

Figuur 3: De juiste balans tussen inspanning en herstel

Wat nodig is om te doen (of laten) voelt vaak contra-intuïtief: we komen uit een lange traditie waarin we organisatieverandering lineair beschouwen. Dus als we een situatie aantreffen die niet is zoals we deze graag zouden zien (uiteraard vaak de aanleiding voor een verandering), is onze haast natuurlijke neiging: de zweep erover. Actie! Dit terwijl de organisatie wellicht nog herstellende is van de voorgaande verandering.

Andersom hebben we ook vaak de neiging om verwaarloosde organisaties te ontzien. Om in de sportmetafoor te blijven, zijn dit organisaties die al een tijd niet meer aan het trainen zijn en daarmee kampen met een zwakke conditie. Vaak duiden we in analyses dit soort organisaties met verhullende termen als een ‘beperkt verandervermogen’. De stap die nodig is, is dan: een nieuwe uitdaging (met gepast ambitieniveau) in het vooruitzicht stellen. In plaat daarvan zien we dan in de praktijk vaak dat er zwaar wordt geleund op kunstmatige zijwieltjes (via inhuur van externen of het optuigen van zware programma’s) om de verandering te bewerkstelligen. Met alle risico’s van dien als deze tijdelijke hulpconstructie vroeg of laat moet worden ontmanteld.

Indien je de organisatie de impuls geeft die het nodig heeft, met de juiste timing, zal je al snel zien dat supercompensatie zijn werk gaat doen. De veerkracht neemt toe, het interne zelfvertrouwen in eigen kunnen groeit én het vertrouwen richting de toekomst en de leiding om nieuwe veranderingen aan te gaan wint aan terrein. En omdat de positieve resultaten in het kielzog volgen, is de kans aanwezig dat verandering verandert in een ‘leuke nieuwe uitdaging’ in plaats van ‘weer een nieuwe gril van de leiding’.

Het koffiezetapparaat als hartslagmeter van de organisatie

Binnen de sportwereld is er een betrouwbare raadgever om te herkennen waar een sporter zit in zijn curve: zijn hartslag in rusttoestand. Een lichaam in herstel pompt namelijk sneller bloed rond om afvalstoffen af te voeren en nieuwe brandstof naar de cellen te voeren dan een lichaam dat klaar is voor een nieuwe prikkel. Maar hoe zit dat bij organisaties?

In Nederland kennen we hoofdzakelijk kennisintensieve en dienstverlenende organisaties. Dat betekent dat de mate waarin informatie stroomt, de functie vervult van de bloedbaan om de organisatie in leven te houden. Dat maakt de collectieve betekenisgeving die plaatsvindt binnen de organisatie de voorspellende factor die we in de sport terugvinden in de hartslag. Wordt er momenteel voornamelijk afval afgevoerd (klagen)? Of zitten we aan het eind van een intensieve intervaltraining (deadlinestress)? De praat bij het koffiezetapparaat vormt daarmee één van de primaire informatiebronnen voor de veranderaar om zijn trainingsschema voor de organisatie op af te stemmen.

De oorzaak van het probleem heeft vaak geen probleem

Terwijl ik dit verhaal probeer te schrijven likt mijn oppashond over mijn toetsenbord. Van geen kwaad bewust terwijl hij mij afhoudt van wat ik probeer te doen.

Bij een team waar ik vaak over de vloer kom, probeerden ze recentelijk een opslag-probleem voor hun bestanden op te lossen. De teamleider stelde zich coöperatief op: ‘ik heb er zelf geen last van, maar als Anne er problemen mee heeft, wil ik best wel kijken naar een oplossing’. Een schappelijke opstelling op het eerste gezicht. Niet veel later bleek dat een aantal medewerkers het opslagprobleem hadden omdat ze voor een aantal onhandige gewoontes van de teamleider compenseerden, die voor hem prima werkte. Geen wonder dat hij zelf geen probleem ervoer.

Als niemand een probleem ervaart, ben je misschien dichterbij de oplossing dan je denkt

Ik denk dat het vaak zo gaat. De veroorzaker van het probleem heeft er zelf geen last van. Zelf had ik vroeger nooit een probleem met een geëxplodeerde kamer, mijn moeder wel.

Dus als je iets probeert op te lossen, maar van de betrokkenen blijkt een aantal personen nergens last van te hebben, zou het zo maar eens kunnen zijn dat je daar de bron hebt van je probleem. Vaak echter zoeken we de oplossing in een nieuwe regel, of organiseren we er iets omheen. Waarmee het gevaar bestaat dat het probleem blijft bestaan en dat je nieuwe problemen creëert omdat je de boel zojuist ingewikkelder hebt gemaakt.

Creëer geen nieuwe problemen

Dit fenomeen geldt binnen teams, maar ook relaties en gezinnen. Het om problemen heen organiseren kan onbedoeld grote consequenties hebben op de langere termijn. Denk aan menig paarse krokodil bij een overheidsinstantie (dat formulier was ooit een oplossing voor een zwembadmedewerker die de opblaaskrokodil meegaf aan de verkeerde persoon en leidde tot een huilend jongetje). Maar ook aan relatieproblemen, ruzies en uiteindelijk scheidingen omdat men heeft verzuimd de kleine probleempjes aan het begin met elkaar op te lossen. Van ‘zou jij vanavond de afwas willen doen?’, naar ‘hij doet nooit iets in huis, ik ruim het wel weer op’, tot ‘we hebben al jaren geen oog meer voor elkaar en elkaars behoeften, ik denk niet dat dit nog gaat werken’.

Confronteer de oorzaak

Als we het met elkaar leuk willen houden, doen we er goed aan er een gewoonte van te maken om problemen aan te pakken bij de bron. Dat houdt in dat je bereid moet zijn om met elkaar de confrontatie aan te gaan. Om te erkennen dat je misschien wel een onderdeel bent van het probleem. Om je ten behoeve van het grotere plaatje aan te passen.

Allemaal zaken waar veel mensen moeite mee hebben of niet leuk vinden, en waarom we soms in een wereld leven die zo ingewikkeld is terwijl het zo simpel kan zijn.

Ik houd ‘m kort vandaag, want daar komt de hond al weer aan. Ik ga ‘m eens goed met zijn gedrag confronteren, of ik pas mijn werkritme aan op de behoeften van het jonge beestje. Eerst maar eens een goed robbertje vechten dus.