Podcast Intuïtieve ontwikkeling

Wil je meer weten over het ontwikkelen van je intuïtie? Wij denken dat dat slim is. Je intuïtie is namelijk een vermogen waar iedereen van nature over beschikt. We maken er alleen lang niet altijd even goed gebruik van. In deze podcast gaan we dieper in op wat het inhoudt.

Je krijgt antwoord op de volgende vragen:

  • Wat is intuïtieve ontwikkeling?
  • Wat maakt het waardevol?
  • Hoe zijn we op het pad van intuïtieve ontwikkeling beland?
  • Wat is reading en healing precies?

 

Episode #8: Koffie overpeinzingen

Komende jaren, richting 2020, onderzoeken we hoe we steeds duurzamer, vrijer, gelukkiger en comfortabeler kunnen leven. Het pad delen we graag, omdat we hopen hiermee ook anderen te inspireren.

“Geluk is niet wat het leven leuk maakt, geluk is wat het leven de moeite waard maakt.” Ons bezoek aan een tiny house, om te ervaren hoe dat zou zijn, liep iets anders dan gedacht. Soms zijn je overpeinzingen tijdens een kop koffie wat dieper dan anders.

‘Hoe kan ik dienen?’

In navolging van mijn vorige blog, ‘Ben ik wel goed genoeg?’ deel ik een alternatieve vraag waar we ons evolutionaire brein mee kunnen versterken. Zodat we onszelf niet meer afremmen om onze optimale bijdrage aan de wereld te leveren. 

Ben ik wel goed genoeg vs. Hoe kan ik dienen?

Psychologisch is het goed verklaarbaar waarom de eerste vraag bestaat, en ook waarom velen zich deze vraag dagelijks stellen (of je je daarvan bewust bent of niet). We zijn evolutionair geprogrammeerd om gevaar te mijden. Eigenlijk is onze ‘default-modus’, om in de metafoor te blijven, dat we wel oppassen voor we iets de wereld in slingeren. De impliciete vraag ‘Ben ik wel goed genoeg?’ is dan ook een supereffectief bescherm mechanisme van je brein. Maar in de huidige tijd is dat zonde.

Hoe kan ik dienen?

Dus laten we beginnen met het herprogrammeren van ons evolutionaire brein, dat is gebouwd voor een ander tijdperk. Een belangrijke eerste stap hierin is het ‘mindful’ vervangen van de vraag ‘ben ik wel goed genoeg?’ met de vraag ‘hoe kan ik dienen?’. Deze laatste vraag doet veel meer recht aan wie we in essentie zijn en helpt ons om ons potentieel naar buiten te brengen. Het nodigt ons uit om naar buiten te komen met ieders unieke manier van zijn.

Dat is geen ‘kumbaya’, dat is noodzaak. De wereld heeft je nodig. We hebben je nodig om armoede uit te roeien, oorlogen te stoppen, om de planeet klaar te maken voor de toekomst en een prettig plek te laten zijn voor de volgende generatie. Als we niks doen staan we de verkeerde mensen toe de richting te bepalen waar het heen gaat.

Dat klinkt groot, en dat is het ook. Maar denk je eens in: wat als jij die drie kleine dingen die jij daarin kan bijdragen niet doet uit angst voor wat mensen er van vinden? En wat als iedereen die drie kleine dingen achterhoudt? We zijn immers allemaal op min of meer dezelfde manier geprogrammeerd. Het is dus zaak dat we allemaal onze stapjes zetten.

Een bijkomend voordeel van de vraag ‘hoe kan ik dienen?’ ten opzichte van andere alternatieven is dat het een aantal destructieve elementen van de menselijke psyche liefdevol beteugelt. Namelijk de neiging om ons ego te veel te doen gelden, ten koste van anderen. De vraag ‘hoe kan ik dienen?’ zuivert als het ware onze intenties voordat we overgaan tot handelen. Waardoor we er al snel op mogen vertrouwen dat ook de handeling een positief effect heeft op de wereld.

Dus begin gelijk. Stel jezelf de vraag hoe jij vandaag kan dienen, en voer het antwoord hierop uit. Doe dit telkens weer als je jezelf betrapt op twijfel. Je zult merken dat hoe vaker je dit doet, hoe makkelijker het wordt om in actie te komen. Ik doe (en dien) met je mee.

Met een grotere visie lijken obstakels kleiner

Ik hoor het zinnetje op een dag dat ik niet zo heel veel zinnetjes hoor. Misschien dat het daarom zo blijft hangen. De zin komt uit de mond van een abt (ja, dit beroep bestaat nog). Niet zo maar een abt, deze abt spreek je aan met ‘roshi’. Ik ben in een zen-boeddhistisch klooster voor een stilte retraite van vijf dagen. De dagelijkse ‘dharma talk’ is een schaarse en welkome onderbreking van de stilte.

Vanwege het internationale publiek spreekt hij de zin in het engels uit. Hij spreekt met een twinkeling in zijn ogen, alsof hij de zin zojuist ook voor het eerst hoort en net zo nieuwsgierig is naar wat hij zal gaan zeggen als ik ben: ‘When the vision is larger, the obstacles seem smaller’. Het zinnetje komt net zo snel op als dat het gaat, om vervolgens weer uit te sterven met de trillingen van het geluid. Eén maand verder staat mij van de dharma-talk weinig meer bij (het had uiteraard te maken met verlichting), maar dit zinnetje des te meer.

Het klinkt me nog steeds erg ‘waar’ in de oren. Als je nergens heen wilt is het stoten van je teen al voldoende om te denken ‘laat maar, ik blijf wel in mijn bed liggen’. Terwijl als je de Olympische Spelen wilt winnen, geen ongemak je te gek is (ik heb mensen op tv wel eens met een touw om hun middel een vrachtwagen vooruit zien lopen met een gezicht alsof hun mond uit zou scheuren. Om vervolgens iets te hard met een Noord-Nederlands accent in de microfoon sprekend te melden dat de training in aanloop naar de aanstaande winterspelen erg goed verloopt. In juli!).

Een visie, een groot doel waar je heen wilt, plaatst de zaken in perspectief. Tegenslag is te zien als een nuttige stap op je weg. Een kwetsende opmerking werkt minder verlammend.

Ook is het vinden van jouw eigen visie een kwestie van het verschuiven van je eigen perspectief. Als je terugkijkt naar de stappen in je leven, wat was dan de rode draad? En als je mag dromen zonder obstakels, waar zie je jezelf en de wereld dan het liefste over 10 of 20 jaar? Of stel jezelf de vraag: hoe wil ik dat mensen over mij spreken op mijn eigen uitvaart? Als je serieus voor deze vraag gaat zitten is hij veel minder morbide dan hij lijkt en geeft hij heel veel inzicht.

Gun je zelf een grotere visie, neem de obstakels onderweg. Begin gewoon met de eerste.

Hoe zoek je naar geluk?

Afgelopen jaar heb ik veel aandacht besteed aan de uitkomsten van mijn zoektocht naar geluk en hoe je het op een gezonde manier kunt nastreven. Door de uitkomsten in lezingen, presentaties en workshops terug te geven heb ik mijn inzichten kunnen delen. Dat is nuttig en waardevol, zowel voor mijzelf als in mijn workshops, blogs en werk als organisatieadviseur.

De laatste tijd neem ik echter een behoefte waar aan zoek-strategieën. Dus niet zozeer het ‘wat’ van geluk, maar het ‘hoe’? En die behoefte snap ik goed, ik heb er zelf ook veel aan gehad. Hieronder ga ik in op 6 zoek-strategieën die ik zelf veel gebruik. Een goed begin van een nieuw jaar, dus hier gaan we!

1. Stel jezelf vragen

Laat ik eerst ingaan op wat we precies proberen te doen als we zoeken naar geluk. Daarvoor is het belangrijk om iets scherper te zijn over wat geluk is. Geluk wordt vaak gelijkgesteld aan ‘dat wat plezierig is’ of ‘het positieve’. Ook zijn er massa’s beelden in omloop over hoe een gelukkig leven eruit ziet. Een willekeurig reclameblok op televisie is voldoende om dit punt te illustreren.

In mijn optiek vertroebelen deze standaard noties over geluk de zoektocht. Ze werken vertroebelend omdat ze schreeuwen om je aandacht en omdat het vaak algemene beelden zijn die zich aan jou opdringen. Terwijl jij iemand bent met specifieke eigenschappen, talenten, behoeften en wensen. Het risico is dus dat je je ongemerkt een beeld van geluk laat opdringen dat eigenlijk letterlijk niet van jou is. Zoals een verkoper die je met slimme verkooptrucs iets aansmeert wat je helemaal niet nodig hebt.

Het gevolg is dat je veel energie steekt om iets na te streven wat je op de langere termijn met een onbevredigd gevoel opzadelt: het lukt je niet om het beeld te realiseren omdat het niet bij je past (frustrerend), of het lukt je wel om het beeld te realiseren maar het brengt je geen geluk omdat het niet jouw geluk is (‘waarom deed ik dit ook al weer allemaal?’).

Het is dus de kunst om op zoek te gaan naar jouw notie voor geluk. Die notie is tegelijkertijd hoogstpersoonlijk, veranderlijk over tijd én afhankelijk van de context waar je je in bevindt. Dus hoe vind je die? Nou, precies zo! Jouw geluk vind je door je actief af te vragen wat jou gelukkig maakt. Vragen zetten in beweging. Als je een vraag stelt neem je geen genoegen met de beschikbare antwoorden en dwing je je om je op onbekend terrein te begeven (zie hierover mijn blog: ‘Stel geen doelen, maar vragen’, onder andere over waar een goede vraag aan moet voldoen). Tip: durf bij het zoeken naar de antwoorden ook eens wat aannames ter discussie te stellen en test zo nu en dan of ze waar zijn!

auto kaartVragen helpen je op pad

2. Lees veel

Een vraag creëert ruimte, een soort van vacuüm van niet-weten. Dit is ontzettend belangrijk om voorbij te gaan aan alle pseudo-informatie over geluk. Deze ruimte heb je nodig om op zoek te gaan. En dat is precies wat de vraag doet: je gaat op zoek. En dan is het van belang om te weten waar te zoeken. En gelukkig hoef je dat niet alleen te doen. Legio ‘gelukszoekers’ (wetenschappers, filosofen, yogi, sporters, geestelijk leiders, muzikanten, filantropen, ondernemers en mystici) zijn ons voorgegaan, en vaak hebben zij hun ontdekkingen toegankelijk gemaakt voor anderen via tekst, beeld, maar ook in oefeningen en rituelen.

Maar niet alleen hoef je terug te gaan naar gerenommeerde ‘wijzen’, elke dag publiceren mensen dingen die jou puzzelstukjes kunnen aanreiken ten aanzien van je vraag. En vaak zijn bloggers veel toegankelijker te lezen dan wetenschappers. Een paar van mijn favorieten noem ik hieronder, omdat ik er elke keer weer veel uit haal:

– http://waitbutwhy.com/ : een blog van Tim Urban met een meer dan terechte 300.000 volgers op facebook omdat hij zichzelf uitdaagt met kinderlijk oprechte vragen en deze op grappige wijze tot op de bodem uitzoekt.

– http://markmanson.net/ : een blog van Mark Manson die zijn originele kijk op het leven gepaard laat gaan met een ontnuchterend klare taal.

– http://mindliftlearning.nl/blog/ : een blog van Kasper van der Meulen die je helpt om je aandacht te richten op wat jij van belang vindt. Zoals Kasper het zegt: ‘aandacht is je mentale valuta, dus je kunt je maar beter bewust zijn waar je het aan uitgeeft.’

Ik noem specifiek deze drie omdat ze hun lezers uitnodigen om naar zichzelf te kijken en zelf na te denken, in plaats van dat ze weer een extra beeld van hoe het zou moeten zijn aan je opdringen. Bovendien leest het lekker weg.

3. Zoek de stilte actief op

Zoals we net al ontdekten is het dus belangrijk om voorbij te gaan aan het gekwetter en alle prikkels. Zodat je eindelijk weer kan luisteren naar de subtielere stemmen zoals je intuïtie en je eigen gedachten. Deze leggen het namelijk meestal af tegen de roepende buitenwereld. Steeds meer mensen realiseren zich dat dit niet vanzelf gaat, en dat ze iets moeten doen om hier de juiste omstandigheden voor te scheppen. Voor sommigen helpt mindfulness of meditatie, anderen gaan wandelen in het bos, weer anderen sporten net zo lang totdat de maalstroom van indrukken tot bedaren komt en ik ken ook zat mensen die zich met een boek en een kop thee terugtrekken.

Het maakt eigenlijk niet zo veel uit, als je maar een bewuste tegenhanger voor jezelf creëert waarin je letterlijk en figuurlijk ‘tot jezelf komt’. Gun jezelf hiervoor dan ook de tijd, in de praktijk duurt het namelijk altijd even om ‘terug te schakelen’. Je creëert daarmee voor jezelf de gelegenheid om de verschillende puzzelstukjes te integreren, inzichten op te laten borrelen uit je slimme onbewuste en de opgedane informatie te koppelen aan je vragen. Zie het als een soort tankstation.

4. Wees thuis in je lijf

Er is een hele toegankelijke bron van (informatie over jouw) geluk die we heel vaak over het hoofd zien. Je lichaam geeft je de hele dag door ontzettend veel signalen over wat jou gelukkig maakt. De meest duidelijke signalen komen door in de vorm van pijn of heftige euforische emoties, maar dit palet is oneindig subtiel. Denk aan het voorgevoel dat je had voordat je die vervelende boodschap kreeg, of een hele sterke maar rationeel onverklaarbare voor- of afkeur voor iemand in je omgeving. Het helpt ontzettend om te leren om vaker in te tappen op dit natuurlijke vermogen.

Sporten, wandelen, dansen en meditatie zijn goede en laagdrempelige manieren om beter in contact te komen met je lijf. En daarmee laten ze zich dus uitstekend combineren met strategie #3 hierboven. Maar het helpt ook al om bewust en gericht aandacht te besteden aan je lijf. Bijvoorbeeld door op je houding te letten terwijl je zit of even ‘in te checken’ tijdens je dagelijkse loopje naar de koffieautomaat. Bijkomend voordeel is dat deze activiteiten niet alleen informatie geven over wat je gelukkig maakt, maar dikwijls ook zelf gelukservaringen oproepen. Onderzoek naar flow laat zien dat veel gelukservaringen diep lichamelijke ervaringen zijn, zoals het leveren van een intensieve sportieve prestatie.

5. Bouw ‘keuzeconditie’ op

Het is één ding om via strategie 1 t/m 4 informatie op te doen over wat je gelukkig maakt, het is een volstrekt ander ding om er naar te handelen (prachtig en hilarisch uitgelegd in één van de blogs op Wait but Why? Of als je een notoire laatkomer bent, herken je je hier misschien in). Een dag bestaat uit tientallen, misschien wel honderden kleine en grote keuzes. De kwaliteit van deze keuzes bepaalt in grote mate hoe effectief je je geluk nastreeft. Vaak hebben die keuzes iets te maken met ‘in beweging komen’ om te gaan doen wat je gelukkig maakt. Dus hoe zorg je nou dat je makkelijk in beweging komt? Door keuzeconditie op te bouwen. Net zoals een fit lichaam makkelijker in beweging komt om te gaan sporten, komt een fitte geest makkelijker in beweging om goede keuzes te maken. En met 5 minuten per dag kom je al een heel eind in het opbouwen van keuzeconditie (thanks Kasper!).

Omdat uitstel-gedrag voor veel mensen (inclusief mezelf) heel herkenbaar is, is er gelukkig ook veel over bekend. Ik maak gebruik van Mark Manson (van de blog hierboven) om een effectieve manier op keuzeconditie op te bouwen uit te leggen: het ‘doe-iets-principe‘. Zoals hij het zelf zegt: The Do Something Principle basically says that if you want to do something — anything — then you just start with the simplest component of that task. (…) The “Do Something” Principle takes advantage of the fact that action is both the cause of motivation as well as the effect of motivation. And once you take one small, simple action, there’s a momentum that builds inside you, making the rest easier.” En het mooie is, hoe vaker je het toepast, hoe makkelijker het wordt (het omgekeerde is overigens ook waar: als je al een tijdje uitstelgedrag vertoont, wordt het steeds lastiger om in actie te komen).

postit-scrabble-to-do-largeWat te doen?

6. Wees alert op de kleine aha-momenten

‘Maar hoe weet je dan of je op het juiste spoor zit?’ Deze twijfel zal voor veel mensen herkenbaar zijn. Of je de juiste antwoorden vindt op je vragen bijvoorbeeld. Of dat je überhaupt de juiste vragen stelt. Of dat je de juiste keuzes maakt.

Het zou mooi zijn als er een soort manier was om te monitoren of je goed bezig bent. Het goede nieuws is: die manier bestaat. Er is namelijk een mechanisme dat je bevestiging geeft als je een puzzelstukje te pakken hebt. En dat mechanisme uit zich heel simpel in je energielevel: je krijgt een soort van levendige boost en deze boost gaat gepaard met een gevoel dat het lijkt te kloppen.

Het fenomeen wordt ook wel omschreven als synchroniciteit: betekenisvolle toevalligheden. Iedereen, ook de meest nuchtere mensen, maakt dit wel eens mee: je komt iemand tegen op een onlogische plek, terwijl je kort daarvoor nog aan diegene hebt gedacht. Joseph Jaworski schreef er in 1996 een boek over, hoewel de term het eerst is geïntroduceerd door Carl Gustav Jung in het begin van de 20ste eeuw. Veel mensen die actief met synchroniciteit werken, geven aan dat de toevalligheden steeds vaker voorkomen naarmate ze zich er meer van bewust worden.

Ben je dan definitief niet goed bezig als je niet vaak dit soort toevalligheden ervaart? Niet per se. Het kost namelijk moeite om de toevalligheden op te merken en als zodanig te  herkennen. Strategie 3 (stilte actief opzoeken) en 4 (thuis zijn in je lijf) helpen dan ook om alertheid te ontwikkelen op de kleine aha-momenten.

Do NOT try this at home

Een vraag die ik vaak heb gehoord de laatste tijd is ‘hoe begin ik?’. En volgens mij is dat de verkeerde vraag. Op zich bestaan er geen ‘verkeerde’ vragen natuurlijk, maar deze vraag komt vaak voort uit de menselijke neiging om op zoek te gaan naar manieren om niet te hoeven beginnen. Ook hier komt het doe-iets-principe van pas. Het is dus belangrijker dát je begint dan hoe.

Zoals ik al zei laten de meeste strategieën zich prima combineren, dus probeer wat uit, experimenteer, zie wat het je brengt (of niet) en laat je vooral verrassen!

Je laten verrassen is belangrijk om twee redenen:
1. We willen door sterke verwachtingen of beelden van ‘wat geluk zou moeten zijn’ nog wel eens voor de hand liggende inzichten over het hoofd zien omdat we er niet naar kijken.
2. Zoeken naar wat jou gelukkig maakt gaat het beste met een zekere speelsheid en vrolijkheid. Er is niets zo funest als een zoektocht die zichzelf te serieus neemt. Dus de optie om je te laten verrassen helpt om de nodige flexibiliteit te bewaren.